Hoe voer je een glucosetest uit?
Bekijk de stapsgewijze instructies voor het gebruik van de Swiss Point of Care Glucosemeter en leer hoe je de test correct uitvoert.
Belangrijke informatie voordat je begint
Meter instellen
Zorg ervoor dat de meter correct is ingesteld voordat je je eerste meting uitvoert.
Hoe stel je de meter in? →De test uitvoeren
Volg de juiste procedure voor het afnemen van bloed en het uitvoeren van de glucosetest.
Hoe voer je een test uit? →Je resultaten begrijpen
Lees hoe je de waarden op de Swiss Point of Care Glucosemeter kunt interpreteren.
Hoe lees je je resultaten? →Gebruikershandleiding
Download de volledige handleiding voor uitgebreide instructies en technische informatie.
Bekijk de gebruikershandleiding →Veelgestelde Vragen (FAQ)
Vind antwoorden op veelgestelde vragen over foutmeldingen, meetresultaten en het gebruik van de Swiss Point of Care Glucosemeter.
Verschillende meetwaarden – Je resultaten begrijpen
Het is normaal dat er verschillen zijn tussen je zelfgemeten waarden en laboratoriumresultaten, of zelfs tussen twee zelfmetingen.
Waarom kunnen resultaten verschillen?
- Type bloedmonster: De meter gebruikt capillair bloed uit een vingerprik, terwijl laboratoria vaak veneus bloed onderzoeken.
- Meettechniek: De meter maakt gebruik van elektrochemische analyse, terwijl laboratoria andere meetmethoden kunnen gebruiken.
- Moment van meten: Glucosewaarden veranderen gedurende de dag en kunnen worden beïnvloed door voeding, beweging en vasten.
Belangrijk om te weten
- Glucosewaarden kunnen hoger of lager zijn afhankelijk van hoeveel tijd er sinds je laatste maaltijd is verstreken.
- Meet zoveel mogelijk onder vergelijkbare omstandigheden om veranderingen in je glucosewaarden goed te kunnen volgen.
Controlevloeistoftest – De werking van je meter controleren
Met een controlevloeistoftest kun je controleren of de glucosemeter en teststrips correct samenwerken.
Wanneer voer je een controletest uit?
- Als de teststrips verkeerd zijn bewaard of aan vocht zijn blootgesteld.
- Als de meter is gevallen of beschadigd.
- Wanneer je vermoedt dat de meter of teststrips niet goed werken.
Hoe voer je een controletest uit?
- Schud het flesje met controlevloeistof goed.
- Breng een druppel controlevloeistof aan op een schoon oppervlak.
- Plaats een teststrip in de meter.
- Raak met de punt van de teststrip de druppel controlevloeistof aan.
- Wacht tot het resultaat op het scherm verschijnt.
- Vergelijk het resultaat met het controlebereik dat op de verpakking van de teststrips staat vermeld.
Ligt het resultaat buiten het controlebereik? Herhaal de test dan met een nieuwe teststrip. Blijft het resultaat buiten het bereik, neem dan contact met ons op.
HI / LO-meldingen
De glucosemeter kan een HI- of LO-melding weergeven wanneer de gemeten glucosewaarde buiten het meetbereik van de meter valt.
Wat betekenen de meldingen?
- HI: De gemeten bloedglucosewaarde ligt boven het meetbereik van de meter.
- LO: De gemeten bloedglucosewaarde ligt onder het meetbereik van de meter.
Wat moet je doen?
- Was en droog je handen zorgvuldig.
- Herhaal de test met een nieuwe teststrip.
- Controleer of je de juiste testprocedure volgt.
- Verschijnt de HI- of LO-melding opnieuw? Voer dan een controlevloeistoftest uit om te controleren of de meter en teststrips correct werken.
Hypo / Hyper-meldingen
De meter kan een Hypo- of Hyper-melding weergeven wanneer je glucosewaarde onder of boven de grenswaarde komt die in de meter is ingesteld.
Wat betekenen de meldingen?
- Hypo: De gemeten glucosewaarde ligt onder de ingestelde Hypo-grenswaarde voor een lage bloedsuikerwaarde.
- Hyper: De gemeten glucosewaarde ligt boven de ingestelde Hyper-grenswaarde voor een hoge bloedsuikerwaarde.
Hoe verander ik de glucosemeter van mmol/L naar mg/dL (of andersom)?
De meter kan glucosewaarden weergeven in mmol/L of mg/dL. Je kunt de eenheid tijdens het instellen selecteren of deze later wijzigen via de instellingen van de meter.
De meeteenheid wijzigen
- Zorg dat de meter is uitgeschakeld of zich in de geheugen- of gemiddelde-modus bevindt.
- Houd de ►-knop 2 seconden ingedrukt om de instelmodus te openen.
- Gebruik de ◄-knop om te wisselen tussen mmol/L en mg/dL.
- Druk op de ►-knop om je keuze op te slaan.
- De gekozen eenheid knippert vier keer en op het scherm verschijnt “No”.
- Druk op de ◄-knop om “No” te veranderen in “YES”.
- Druk op de ►-knop om je keuze te bevestigen en op te slaan.
Wat heb je nodig om een glucosetest uit te voeren?
Voor een glucosetest met het Swiss Point of Care Glucose Monitoring System heb je de glucosemeter, glucoseteststrips, een prikpen en steriele lancetten nodig.
Nog hulp nodig?
Ons supportteam helpt je graag met vragen over de Swiss Point of Care Glucosemeter.


